Petra van Raaij All articles
Creativiteit

Waar ik zit, zegt alles: wat de eerste tien minuten van een kennismaking onthullen

Petra van Raaij
Waar ik zit, zegt alles: wat de eerste tien minuten van een kennismaking onthullen

Er gaat een moment voorbij waarop, naar mijn overtuiging, de hele samenwerking al beslist is. Het is niet het moment waarop de offerte wordt goedgekeurd, en ook niet waarop de aanbevelingen worden gepresenteerd. Het is de eerste tien minuten van het kennismakingsgesprek. Voordat de laptop openklapt, voordat de koffie is uitgeschonken, is er al een onuitgesproken akkoord – of een onuitgesproken twijfel.

Ik schrijf dit niet als een truc. Integendeel: het is een uitnodiging om aandachtiger te kijken naar iets dat we toch al deden, alleen onbewust.

De zitplaats als eerste statement

Neem de keuze van de plek. Nodigt iemand je uit in een overlegkamer met een prominente tafel aan het hoofd, dan zegt die ruimte iets. Zit ik aan de lange zijde, met vier mensen tegenover mij, dan begint het gesprek in feite als een hoorzitting. Zit ik schuin naast iemand, aan dezelfde kant van de tafel, dan is het framing een andere: we kijken samen naar het probleem, niet naar elkaar.

Ik ken een directrice in Utrecht die standaard de vergadering verplaatst naar de keuken van het kantoor. 'Hier praat mensen sneller', zegt ze, en ze heeft gelijk. De ruimte dicteert de houding. En de houding dicteert het gesprek.

De eerste vraag onthult de tweede laag

Dan de opening. Iedereen stelt dezelfde vraag: 'zullen we even kort voorstellen wie we zijn?' En dan volgt een reeks cv's. Maar de echte informatie zit in wat er ná die ronde gebeurt. Wie pakt het woord? Wie kijkt naar wie? En vooral: wat is de eerste vraag die iemand stelt die níet over zichzelf gaat?

In mijn ervaring zegt die eerste echte vraag alles over de organisatie. Vraagt iemand 'hoe snel kunnen we resultaat zien?', dan weet je dat de druk hoog zit. Vraagt iemand 'wie hebben jullie dit eerder gedaan?', dan zit de onzekerheid meer in het vertrouwen dan in de ambitie. Vraagt iemand niets en wacht hij tot de ander begint? Dan heb je een hiërarchie in beeld die geen organogram je ooit zal laten zien.

Lichaamstaal zonder theorie

Ik ben geen gedragswetenschapper en ik gelook niet in micro-expressies. Maar er zijn twee signalen die ik niet meer kan negeren. Het eerste: de blik naar de baas op het moment dat iemand iets lefs zegt. Dat kijkje onthult wie er echt beslist, ongeacht de organogram. Het tweede: het moment waarop iemand de telefoon omdraait of het scherm dichtklapt. Dat is een klein gebaar van aandacht – of het gebrek daaraan – dat meer zegt dan de beleidsbrief die daarna wordt uitgesproelen.

Wat ik er zelf mee doe

Ik gebruik die eerste tien minuten niet om iemand te doorgraven, maar om mijn eigen houding te kiezen. Als ik zie dat er onzekerheid in de ruimte zit, begin ik niet met mijn trackrecord, maar met een vraag. Als ik zie dat er haast is, ben ik korter dan gepland. Als ik zie dat de macht ergens anders ligt dan aan tafel, vraag ik expliciet wie er nog bij het gesprek hoort.

En soms is de conclusie simpel: dit is geen match. Dat kan ik in tien minuten weten, en het is een dienst aan beide partijen om het dan eerlijk te zeggen.

De moraal? We besteden uren aan het schrijven van voorstellen, maar de beslissing valt vaak voordat het eerste dia is gezien. Niet omdat mensen onredelijk zijn, maar omdat ze mens zijn. En het mooie is: als je het eenmaal ziet, kun je er iets mee.

All Articles

Related Articles

Het leven van een idee: zes fasen en de valkuil waar de meeste sterven

Het leven van een idee: zes fasen en de valkuil waar de meeste sterven

Wat je niet hoort: de luisterles die mijn adviespraktijk veranderde

Wat je niet hoort: de luisterles die mijn adviespraktijk veranderde

Het verhaal dat we onszelf vertellen: vier organisatienarratieven op de keper

Het verhaal dat we onszelf vertellen: vier organisatienarratieven op de keper